|
Riviertoerisme - Beleidsanalyse Schriftelijke vraag N ° 142 aan minister-president Kris Peeters / 18-03-2009 Vraag : In de studie "Aantrekkelijkheid van watertoerisme in Vlaanderen. Haalbaarheid van een meerdaagse vaarroute tussen de kunststeden voor buitenlandse toervaarders.", uitgevoerd in opdracht van Toerisme Vlaanderen, werd gesteld dat een meerdaagse vaarroute tussen de kunststeden een toeristisch aantrekkelijk product is en dit om diverse redenen. In de bijbehorende beleidsanalyse worden de gewenste acties om de bestaande knelpunten te verhelpen, opgelijst om het riviertoerisme te faciliteren en te promoten. Daarbij wordt nog steeds opgemerkt dat de zondagsbediening (zon- en feestdagen) van bruggen en sluizen als één van de voornaamste vaartechnische knelpunten wordt aangezien. Ik stelde hier reeds een vraag over aan de voorganger van de minister tijdens de bespreking van de Beleidsbrief Toerisme 2006-2007. Daarnaast werden er ook heel wat suggesties gedaan om het riviertoerisme in Vlaanderen te optimaliseren. Zo onder meer: - het bepalen aan de hand van de vaarlussen waar er bijkomende overnachtingsplaatsen moeten worden voorzien; - het opmaken van een kwaliteitssysteen dat toepasbaar is op alle jachthavens in Vlaanderen; - het ontwikkelen van de logische en interessante vaarroutes binnen Vlaanderen en de thematische promotie. Deze taken zouden allemaal moeten gebeuren in regie van Toerisme Vlaanderen. 1. Ziet de minister-president "brood" in de ontwikkeling van een meerdaagse vaarroute tussen de kunststeden zoals voorgesteld in bovengenoemde studie? Zo ja, wanneer kan dit worden gerealiseerd en zullen hiervoor extra mensen bij Toerisme Vlaanderen worden voorzien? Zo neen, acht de minister-president het niet opportuun om in tijden van economische recessie elke opportuniteit te benutten? 2. Heeft de minister-president reeds afspraken gemaakt met de bevoegde minister over het openhouden en bemannen van de sluizen op zondag teneinde dit knelpunt weg te werken? Zo ja, welke zijn de afspraken en wat is de vooropgestelde timing? Zo neen, waarom niet? Antwoord :
Ik zal een globaal antwoord geven op de door U gestelde vragen. De studies waar U naar verwijst werden door Toerisme Vlaanderen gemaakt om een duidelijker zicht te krijgen op de huidige situatie, de kansen, de bedreigingen en de mogelijkheden voor Vlaanderen op het vlak van watertoerisme. De studies geven ook een aanzet voor de rol die Toerisme Vlaanderen moet of kan innemen bij de verdere ontwikkeling ervan. Dit houdt niet in dat Toerisme Vlaanderen de regie op zich moet nemen van alle acties vermeld in beide rapporten. In de beleidsanalyse die is verricht, komt duidelijk naar voor dat er diverse spelers zijn die elk hun verantwoordelijkheid moeten opnemen. De studie naar de haalbaarheid van een meerdaagse vaarroute tussen de kunststeden voor buitenlandse toervaarders geeft duidelijk aan dat toervaart een nicheproduct is. De grootte van de markt wordt geraamd op een 24 à 26.000-tal personen op jaarbasis. Als we bovendien weten dat de gemiddelde besteding per persoon per dag 26 euro bedraagt, is het duidelijk dat dit segment een beperkte economische impact heeft. Uit de studies blijkt ook dat het huidige product nog niet voldoende kwaliteitsvol is om gepromoot te worden. Er zijn nog een aantal hinderpalen, dat moeten weggewerkt worden. Daarom is het ook niet opportuun om nu extra middelen voor promotie in te zetten op de toervaart, omdat de te verwachten return hier beperkt zal zijn gelet op de grootte van de markt. De studie geeft weer dat Vlaanderen voor de toervaart kan uitgebouwd worden als een toeristisch aantrekkelijk product. Maar zoals ook in de studie aangehaald, heeft dit slechts slaagkans als men rekening houdt met een zestal kritische succesfactoren. In de tweede studie werden deze kritische succesfactoren nader bekeken en werd een beleidsanalyse gemaakt waarbij de verschillende spelers mbt watertoerisme werden betrokken. Uit deze analyse en de voorstellen van acties die kunnen ondernomen worden, blijkt duidelijk dat iedere speler zijn verantwoordelijkheid moet opnemen op zijn eigen domein. Daarom heb ik gevraagd aan de verschillende entiteiten van de Vlaamse overheid, namelijk: het Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust, nv De Scheepvaart en nv Waterwegen en Zeekanaal en Toerisme Vlaanderen om samen te bekijken hoe synergieën kunnen ontwikkeld worden met betrekking tot het watertoerisme. Ieder van deze spelers heeft immers een specifieke taak en verantwoordelijkheid. Dit overleg werd pas opgestart zodat het nog te vroeg is om al tot resultaten te leiden. Na dit overleg kan dan bekeken worden welke suggesties uit het rapport zullen opgenomen worden en in welk tijdspad. Immers, het oplossen of beantwoorden van de kritische succesfactoren moet gefaseerd aangepakt worden. Zo is het bijvoorbeeld niet raadzaam - zelfs eerder negatief - om promotie te voeren voor een vaarproduct dat nog niet aan de wensen van de toervaarder beantwoordt. Promotie voeren betekent immers een 'belofte' verkopen aan de consument. Als je deze belofte, in dit geval een kwaliteitsvol vaarnetwerk met servicegerichte jachthavens die vlot bereikbaar zijn, niet kunt waarmaken, zal de consument het product negatief beoordelen en wordt het zeer moeilijk om dit negatief beeld later terug te wijzigen in een positief beeld.
|