|
Leerkrachten volwassenenonderwijs - Nascholing Schriftelijke vraag N ° 206 aan viceminister-president Frank Vandenbroucke / 3-03-2009 Vraag : In 2000 werd tijdens de Europese Raad in Lissabon afgesproken dat er in 2010 een concurrerende en sociaal hechte Europese kennissamenleving moet bestaan. De lidstaten stelden samen doelstellingen vast, die door ieder land op eigen wijze mogen worden gerealiseerd. De doelen zijn onder andere minder voortijdige schoolverlaters, meer afgestudeerden in betatechnische vakken, meer hogeropgeleiden. Maar er werd ook bepaald dat in 2010 12,5 procent van de 25-64 jarigen deel moet nemen aan onderwijs- en trainingsactiviteiten. Ook in het Pact van Vilvoorde werd de doelstelling ingeschreven dat in 2010 ministens 10 procent van de Vlamingen tussen 25 en 65 deel moet nemen aan permanente vorming. Levenslang en levensbreed leren is dan ook niet langer weg te denken binnen onze moderne samenleving. Ook binnen het onderwijs zelf is nascholing belangrijk voor een effectieve en efficiënte schoolwerking. Het stelt leerkrachten en andere teamleden in staat hun kennis, vaardigheden en attitudes te verbreden en bij te schaven overeenkomstig de laatste technologische, maatschappelijke en andere veranderingen. 1. In hoeverre worden de doelstellingen zoals ingeschreven in het Pact van Vilvoorde en het Verdrag van Lissabon inzake participatie aan formeel of informeel leren, via formules zoals nascholing, coaching of werkoverleg, door leerkrachten en directies uit het volwassenenonderwijs in het kader van levenslang leren gerealiseerd? Graag een procentueel beeld. Hoe wordt gewaarborgd dat leerkrachten in het volwassenenonderwijs bijblijven? 2. Hoe stimuleert de overheid levenslang leren bij leerkrachten in het volwassenenonderwijs en hoe wordt het effect hiervan gemeten? 3. Hoeveel leerkrachten uit het volwassenenonderwijs volgen jaarlijks bijscholing? Graag een procentueel beeld en hoe verhoudt zich dit over de verschillende regio's en over de verschillende netten? 4. Hoe wordt het nascholingsaanbod afgestemd op specifieke noden of thema's? 5. Aan welke thema's worden het nascholingsgeld van de scholen en de pedagogische begeleidingsdiensten besteed? Graag een procentueel beeld en hoe verhoudt zich dit over de verschillende regio's en over de verschillende netten? Antwoord: Voor een antwoord op de vragen m.b.t. het Pact van Vilvoorde, de organisatie van nascholing en het Vlaamse nascholingsbeleid verwijs ik naar mijn antwoord op uw schriftelijke vraag nr 61 van 30 oktober 2008. De algemeenheden die ik daar beschreef gelden immers eveneens voor de leerkrachten van het volwassenenonderwijs. Wat het financiële luik betreft kan ik meegeven dat er in 2008 voor het volwassenenonderwijs 502.000 euro aan nascholingsmiddelen verdeeld werd over 5.140,13 OFT's, wat neerkomt op 97,66 euro per OFT. Voor 2009 is er in de initiële begroting 515.000 euro voorzien voor 5.389,49 OFT's, wat zou neerkomen op 95,56 euro per OFT. Bovendien zal er vanaf 2009 ook een bedrag van 33.000 euro voorzien worden voor de centra voor basiseducatie. Cao I Basiseducatie bepaalt dat een centrum voor basiseducatie hierdoor jaarlijks 40 euro per gesubsidieerde VTE zal krijgen.
|