|
Consortia volwassenenonderwijs - Opleidingsplannen Schriftelijke vraag N ° 243 aan viceminister-president Frank Vandenbroucke / 19-03-2009 Vraag : In artikel 75 van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het volwassenenonderwijs worden de opdrachten van het consortium volwassenenonderwijs beschreven, waaronder het opmaken van een vijfjaarlijks opleidingsplan voor het werkingsgebied. Zoals beschreven in de memorie van toelichting bij het decreet is kennis van de regionale opleidingsnoden essentieel indien het consortium volwassenenonderwijs tot een optimale afstemming van het opleidingsaanbod wil komen. Het consortium volwassenenonderwijs moet werk maken van een beperkte omgevingsanalyse via prospectie onder meer bij VDAB, lokale besturen, andere onderwijsinstellingen, grote bedrijven, socio-culturele organisaties om zich een goed beeld te vormen van de noden inzake opleiding en vorming voor volwassenen. Ook een duidelijk regionaal afsprakenkader over de afstemming van het aanbod van de centra voor volwassenenonderwijs en dat van de centra voor basiseducatie vormt een essentieel onderdeel van een dergelijk opleidingsplan. 1. Hebben alle consortia inmiddels een opleidingsplan opgemaakt? 2. Zijn deze opleidingsplannen publiek beschikbaar? 3. Hoe wordt de kwaliteit van de inhoud en de realisatie van deze opleidingplannen gescreend en opgevolgd? 4. Geven deze opleidingsplannen aanleiding tot bijsturingen en/of afstemming in het onderwijsaanbod van de betrokken centra voor volwassenenonderwijs in de regio? 5. Stelt de minister enige evolutie vast inzake afstemming met de andere publieke opleidingsverstrekkers inzake het gebruik van opleidingsinfrastructuur en lesmateriaal? 6. Stelt de minister op basis van deze opleidingsplannen nieuwe noden vast in het volwassenenonderwijs? Antwoord : Zoals bepaald in het decreet van 15 juni 2007 betreffende het volwassenenonderwijs is de Vlaamse Regering ertoe gehouden met elk van de dertien consortia volwassenenonderwijs een samenwerkings-overeenkomst af te sluiten over de uitvoering van de decretale opdrachten en de aanwending van de toegekende middelen. Een van deze decretale opdrachten van een consortium volwassenenonderwijs is de opmaak van een vijfjaarlijks opleidingsplan voor het werkingsgebied dat een omgevingsanalyse van de opleidings-behoeften in het werkingsgebied omvat, een overeenkomst waaruit blijkt dat het opleidingsaanbod van de Centra voor Volwassenenonderwijs enerzijds en het opleidingsaanbod van het Centrum voor Basiseducatie anderzijds op elkaar zijn afgestemd en op elkaar aansluiten en een overzicht waaruit blijkt dat er op voldoende toegankelijke wijze opleidingen basiseducatie, opleidingen van het studiegebied algemene vorming en opleidingen van het studiegebied Nederlands tweede taal worden georganiseerd. Verder dient het opleidingsplan ook een afsprakenkader te bevatten waarin de samen-werking met de andere publieke verstrekkers van opleidingen voor volwassenen nader wordt bepaald, in het bijzonder met betrekking tot het gebruik van opleidingsinfrastructuur, lesmateriaal en deelname aan cursussen. De samenwerkingsovereenkomsten met de consortia volwassenenonderwijs werden op 12 december 2008 goedgekeurd door de Vlaamse Regering en op 14 januari 2009 ondertekend. Het model van opleidingsplan is als bijlage bij deze samenwerkingsovereenkomsten gevoegd. In de samenwerkings-overeenkomsten is verder nog bepaald dat het vijfjaarlijkse opleidingsplan uiterlijk 6 maanden na de ondertekening moet worden ingediend. Dit betekent dat de consortia volwassenenonderwijs tot 14 juli 2009 de tijd hebben om hun opleidingsplannen op te stellen. Het is bijgevolg niet mogelijk om u de gevraagde informatie te bezorgen. Ik wil al wel verduidelijken dat wij met de consortia volwassenenonderwijs hebben afgesproken dat het opleidingsplan geen definitief en dus statisch document zal zijn. Jaarlijks zullen de consortia de opleidingsplannen bijsturen en aanvullen met de meest actuele informatie en gegevens. In die zin moet het opleidingsplan gezien worden als een continue oefening om de opleidingsnoden in de regio te bepalen en te beschrijven. Deze manier van werken laat de consortia toe om ontbrekende stukken in het opleidingsplan op een later tijdstip verder in te vullen.
|